woensdag 21 maart 2018

Koud

Tot -20°C verandert er niet zoveel en gaat het leven gewoon door. De verwarming wat hoger, muts op, handschoenen aan en een extra laagje crème op het gezicht. Veel kouder dan dat hadden we het hier tot voor kort niet gehad en als het ‘s nachts -20°C was, ging overdag de temperatuur altijd nog een aangenaam aantal graden omhoog. Maar de ‘Russische Beer’ die Nederland onlangs een koude rilling bezorgde, kwam vóór hij naar Europa trok, ook bij ons langs. Het werd kouder dan het hier sinds 1951 was geweest en koud bleek ook daadwerkelijk koud te zijn. Het kwik daalde rap naar de -30°C en kwam daar overdag niet meer dan een paar graden bovenuit. In eerste instantie volgden we met name de temperatuursdaling in het noorden van het land waar het nog 15 tot 20 graden kouder werd dan bij ons. Hartverscheurende foto’s van honden en katten die door de sneeuw wandelend, werden overvallen door de kou en ter plekke doodvroren, werden rondgestuurd als een verzameling levensechte standbeelden waarvan je elk moment verwachtte dat ze hun weg zouden vervolgen. Al snel bleek echter dat we onze aandacht beter konden richten op onze eigen kou, want -30°C bleek toch enige aanpassingen te vergen.

De verwarming kon het niet aan. De temperatuur binnenshuis daalde naar acht graden en bleef daar twee volle weken op hangen. Hoewel mijn gedachten regelmatig uitgingen naar de mensen in de niet geïsoleerde huisjes zonder verwarming, moet ik bekennen toch voornamelijk bezig te zijn geweest met het bedenken van strategieën om die acht graden nog enigszins dragelijk te maken. Zo hielden we binnenshuis muts op en sjaal om, trokken we extra truien aan en stopten onze kruiken niet alleen ‘s nachts in bed maar ook overdag onder de trui. Liters hete thee en soep gingen er door. Ik zette de kinderen regelmatig met hun bordje avondeten in een warm bad. Een enkele keer belandde dat bordje eten ín het bad en zaten ze daar samen in een reuzesoepkom tussen de ronddrijvende spaghetti. Maar koud hadden ze het niet. Vroeg naar bed gaan bleek ook goed te werken. Dikke pyjama, dubbel dekbed, kruik en slapen.

Autorijden bleek bij -30°C geen vanzelfsprekendheid meer. Het starten van de auto resulteerde veelvuldig in niet meer dan een droog kuchje van de motor die met geen mogelijkheid wilde aanslaan. Nog vroeger het warme bed uit om met veel geduld en aanmoediging de auto toch aan de praat te krijgen, werd deel van het ochtendritueel. De antivries bleek en bleef wekenlang stijf bevroren. De condens zorgde voor grote dikke witte wolken uit de uitlaten van de auto’s hetgeen het zicht op de snelweg aanzienlijk verminderde en een aangepaste rijstijl vereiste.

Het was verbazingwekkend hoeveel kouder het kan zijn dan het lijkt. De strakblauwe lucht, witte sneeuw en schitterende zon zagen er uitnodigend uit. Maar schijn bedriegt. We kenden wel de sensatie van koud, van naar buiten gaan zonder de juiste handschoenen en de pijn die je na een tijdje in je vingers krijgt, of de kou aan je oren als ze niet helemaal onder je muts passen. Maar over naar buiten gaan bij -30°C bleek beter te moeten worden nagedacht. Ik ondervond aan den lijve dat een grofgebreide muts geen enkel effect meer heeft. De kou dringt door in de porieën van de muts en zet zijn klauwen in je hoofd en oren. Naar buiten gaan in spijkerbroek zorgt na een paar minuten al voor zodanig brandende benen dat de tranen je in de ogen springen van de pijn. Ondanks het zout lijken die tranen vervolgens al te bevriezen voor ze je wangen hebben kunnen bereiken. Ook het onvermijdelijke vocht in je neus bevriest onmiddellijk zodra je de drempel over stapt. Je mond hou je maar beter dicht. Het is een kwestie van jezelf zoveel mogelijk bedekken met kleding die is opgewassen tegen echte kou. Je muts kies je niet meer om de kleur of het model, maar om de kwaliteit. Elegante handschoenen maken plaats voor hardcore wanten. De sneeuwlaarzen moeten warm zijn en de skibroek dik. De openbare scholen sloten hun deuren maar onze school bleef open. Als gemummificeerde Michelin mannetjes stroomden de kinderen ‘s ochtends de overdadig verwarmde school in. Buitenspelen wordt bij -15°C al afgelast dus pas aan het einde van de schooldag rolden de pakketjes kind weer naar buiten, klaar voor hun avondeten in bad.

Het waren twee lange koude weken. Binnenshuis vervloekte ik de kou, buitenshuis genoot ik er van, nadat ik eenmaal de juiste koudebestendige kledingcombinatie had gevonden. Het was een ervaring die we niet hadden willen missen en die meer indruk op ons maakte dan we hadden kunnen bedenken. Koud is koud, dachten we. Maar je hebt koud en heel koud. Het was heel koud. Nog kouder gaan we niet meemaken. Inmiddels is het kwik weer gestegen. De sneeuw is aan het smelten. De vogels beginnen te fluiten. Het regent, als een aanloop naar het moment waarop straks de wereld om ons heen uit zijn voegen zal barsten van de lust om weer te gaan bloeien. Want hoe koud het ook was, de lente komt.
Maart 2018
 


 

4 opmerkingen:

  1. Ik krijg het er koud van. Rillingen over mijn rug. Zo voelt echte kou dus.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. oh my baby, ik kan me niet eens inbeelden hoe dat is zo koud! En ik kreeg al ver een inzinking toen het hier niet warmer werd dan 19 graden in huis! Zet je dan de kinderen in bad bij 8 graden?? dat is toch zowiezo erg koud? niet?

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Maar het badwater is lekker warm! En dan na het bad direct het bed in met een kruik. Heerlijk!

      Verwijderen