maandag 15 augustus 2011

Spiderman

Ik hou niet van Mickey, Winnie, Barbie, Cars of spiderman. Niet van Dora, Ben of Woody. Als het aan mij zou liggen, komen Cars-bordjes, Mickey-rugzakjes of Barbie-T-shirts mijn huis niet in. Maar het ligt niet aan mij. Want mijn zoon is dol op spiderman.

Hij heeft nog nooit een spidermanfilm gezien of een spidermanboekje gelezen. Hij hoort zijn klasgenootjes over spiderman praten en ziet ze met halloween en carnaval in van die synthetische spidermanpakken verschijnen. Hij vindt het prachtig. Over een paar maanden wordt hij 4. En hij vertelt me elke week wel een keer dat hij dit jaar voor zijn verjaardag een spidermantaart wil. En een spidermanfilm. En met carnaval wil hij een spidermanverkleedpak.

Mijn lieve vriendin R. denkt er net zo over als ik. Wij zijn voorstander van het vilten kabouterrugzakje, Flipje boekje en barbapapa bordje. Het enthousiasme dat mijn zoon voelt voor spiderman, voelt haar zoon voor Cars. Een paar maanden geleden heeft R. voor haar zoon een Cars T-shirt gekocht. En ik weet dat op de dag dat mijn zoon 4 wordt, spiderman zijn intrede zal doen in ons huis.

Mijn enige tijdelijke troost is dat als je aan zoonlief vraagt wat spiderman dan wel niet doet, hij met een gelukzalige glimlach antwoordt: spiderman zoekt spinnen…
Augustus 2011

donderdag 28 juli 2011

Olifanten

Dit was 38 jaar geleden mijn boxkleed, daarna was het mijn dochters boxkleed en nu is het een kussen voor zoonlief. Zo´n mooi stofje!

zaterdag 16 april 2011

Peuterrugzak nummer 2

Ze worden elke keer iets beter, al doende leert men, zeker zonder patroon! Deze is voor nichtje M.




vrijdag 15 april 2011

Pasgeboren babies

Het schijnt dat hormonen ervoor zorgen dat moeders hun pasgeboren baby mooi vinden. Deze hormonen zijn bijzonder belangrijk want als de moeder het pasgeboren kind niet mooi zou vinden, zou ze niet terstond overstromen van moederliefde. Deze hormonen zijn bijzonder belangrijk, want pasgeboren babies zijn in werkelijkheid helemaal niet mooi.

Behalve die van mij natuurlijk. Mijn zoon werd geboren en ik vond hem de mooiste baby die ik ooit had gezien. Hij was anderhalve maand te vroeg, hoefde niet in de couveuse maar had wel de typische prematuren trekjes: mager, behaard, gerimpeld. Maar met een perfect rond hoofdje met kleine donkere krulletjes en hele grote ogen. Prachtig was hij. Ik was toen al bekend met bovenstaande info over die belangrijke hormonen en zei keer op keer tegen manlief dat onze zoon toch echt een mooi pasgeboren babietje was, objectief gezien mooi. Dat was niet mijn subjectieve mening als kersverse moeder, het was een feit, mijn zoon was objectief mooi. Ik hield dat maandenlang vol. In mijn omgeving werden babies geboren en geen van die babies was objectief mooi, pasgeboren babies zijn immers niet mooi. Behalve die van mij.

Toen mijn zoon ruim twee jaar oud was, waren die bijzonder belangrijke hormonen uitgewerkt. Ik zag fotos van zoon’s eerste maanden en besefte geschokt dat hij een heel erg lief babietje was, schattig, koddig, maar mooi? Objectief mooi? Ik besefte dat de meningen daarover kunnen verschillen. Hij was dus subjectief mooi.

Een paar maanden later werd onze dochter geboren. De bijzonder belangrijke hormonen waren aanwezig maar minder jubelend dan bij de eerste, ze hadden een knauw gekregen. Ik zag dat ze een heel lief babietje was, schattig, koddig, een dotje en een plaatje, en subjectief de allermooiste.

Inmiddels zijn mijn kinderen 3,5 en 1 jaar oud. Ze lijken nog wel wat op de pasgeboren babietjes die ze ooit waren, maar ze zijn inmiddels opgegroeid tot twee hele mooie kindertjes. Objectief gezien.
April 2011

dinsdag 15 maart 2011

Ze werd niet wakker

Mijn dochter werd niet wakker. Doorgaans slaapt ze ‘s middags een uurtje en de rest van de dag is ze wakker en actief. Die dag werd ze niet wakker. Ze sliep een uur, anderhalf uur, twee uur. Ik voelde me onrustig worden, ging kijken. Ik voelde of ze nog warm was. Of ze nog ademhaalde. Ze sliep tweeeneenhalf uur. De onrust binnen in mij werd dwingender. Dit was niet goed. Ik ging weer kijken. Ik voelde of ze nog warm was, of ze nog ademhaalde. Ze sliep twee uur en drie kwartier. Ik liet haar kamerdeur open staan maar ze werd niet wakker van het geluid dat haar broer en ik maakten. Ze sliep twee uur en vijftig minuten. Ik pakte haar uit haar ledikant. Ze werd niet wakker. Als een slappe pop hing ze in mijn armen. Ik aaide haar handjes, haar gezichtje, praatte, schudde haar zachtjes heen en weer. Ze werd niet wakker. Mijn onrust begon paniek te worden. Ik kreeg mijn dochter niet wakker. Een doordringende pijn maakte zich van mij meester, een oorverdovend suizen in mijn hoofd, een dreunend gebonk in mijn buik, een oncontroleerbaar trillen van mijn handen. Ik probeerde na te denken, rustig en logisch te beslissen wat ik moest doen, maar ik voelde slechts een gebrek aan lucht en een loodzware pijn.

Dit duurde een minuut, anderhalf misschien. Toen deed ze haar oogjes open, glimlachte naar me en vroeg om een beetje water. Waarna ze vrolijk ging spelen.

Sinds de dag dat mijn dochter niet wakker werd, moet ik vaak denken aan de ouders wiens kind echt niet meer wakker werd. Niet na twee uur en vijftig minuten, niet na drie uur, nooit meer. Hun lijden moet ondraaglijk zijn.   
Maart 2011